Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 28 februari 2017

Onder 4.36 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 28 februari 2017

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 28 februari 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:1591.

Voor de onderhavige zaak leidt hetgeen is overwogen onder 4.31 tot en met 4.35, naar het oordeel van het Hof niet tot een nadere matiging. Als uitgangspunt geldt dat iedere belastingplichtige individueel spanning en frustratie ondervindt ten gevolge van een overschrijding van de redelijke termijn. Dat betekent dat iedere belastingplichtige aanspraak kan maken op vergoeding van de door hem uit dien hoofde geleden immateriële schade. Dit is anders indien meerdere belanghebbenden gezamenlijk een procedure aanhangig maken, maar van een zodanig gezamenlijk procederen is geen sprake indien meerdere belastingplichtigen ieder voor zich een of meerdere geschillen aanhangig hebben gemaakt. Dat zij in de desbetreffende procedures worden bijgestaan door dezelfde gemachtigde brengt daarin naar het oordeel van het Hof in beginsel geen verandering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e8eb98571cff0ccf7365e51afa8bca4480d1671008b8d4c385aa611d94fbdbc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e8eb98571cff0ccf7365e51afa8bca4480d1671008b8d4c385aa611d94fbdbc, en de alinea staat in dat document op bytes 55088 tot 55948.