Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 april 2018
Onder 4.17 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 april 2018
Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 april 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:3113.
Het voorgaande voert tot de slotsom dat [appellant] zijn mededelingsplicht heeft geschonden door ASR voorafgaand aan de totstandkoming van de verzekeringsovereenkomst geen informatie te verstrekken over zijn faillissementsverleden, als gevolg waarvan in rechte is komen vast te staan dat ASR op de voet van artikel 7:930 lid 4 BW de uitkering heeft mogen weigeren. De grieven III tot en met V en (deels) VIII falen. De vordering van [appellant] onder (i) tot – samengevat – vergoeding van de brandschade ligt daarom voor afwijzing gereed. Hetgeen partijen overigens over de mededelingsplicht naar voren hebben gebracht, meer in het bijzonder ten aanzien van de eigendom van de inventaris (grieven VI en VII, (deels) VIII en IX) en de brand in het pand (grief X), kan in dit verband onbesproken blijven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2a536d96074ad8562ad3d2a3e1790ea42d9c1edc8e021b877a990bce301354a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2a536d96074ad8562ad3d2a3e1790ea42d9c1edc8e021b877a990bce301354a1, en de alinea staat in dat document op bytes 37515 tot 38335.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2a536d96074ad8562ad3d2a3e1790ea42d9c1edc8e021b877a990bce301354a1 | shasum -a 256