Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 april 2018
Onder 4.6 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 april 2018
Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 april 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:3113.
In grief II betoogt [appellant] kort gezegd dat artikel 7:928 BW toepassing mist, omdat ten tijde van de afgifte van de voorlopige dekking aan [appellant] in 2011 sprake was van voortzetting van een bestaande verzekeringsovereenkomst en niet van het aangaan van een nieuwe overeenkomst. [appellant] voert daartoe aan dat de bedrijfsinventaris in juni 2010 korte tijd eigendom is geweest van [Bedrijf 11] en dat dit bedrijf toen een inventaris-goederenverzekering heeft afgesloten. Op 30 juni 2010 heeft [appellant] de bedrijfsinventaris in privé gekocht van de Bakkerij en in oktober 2011 om overzetting van de lopende overeenkomst met ingang van 30 juni 2011 gevraagd. Er is volgens [appellant] dan ook sprake van een situatie waarin de rechten uit de reeds bestaande verzekeringsovereenkomst zijn overgegaan op de verkrijger van de verzekerde zaak. Dit betoog is door ASR bestreden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2a536d96074ad8562ad3d2a3e1790ea42d9c1edc8e021b877a990bce301354a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2a536d96074ad8562ad3d2a3e1790ea42d9c1edc8e021b877a990bce301354a1, en de alinea staat in dat document op bytes 22077 tot 22975.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2a536d96074ad8562ad3d2a3e1790ea42d9c1edc8e021b877a990bce301354a1 | shasum -a 256