Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 10 juli 2018
Onder 3.2 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 10 juli 2018
Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 10 juli 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:6302.
Belanghebbende betoogt dat op risicoarme beleggingen het door de wetgever veronderstelde rendement van 4% voor een lange reeks van jaren niet meer haalbaar is en dat belastingplichtigen, mede gelet op het toepasselijke tarief, daardoor worden geconfronteerd met een buitensporig zware last. Gelet daarop is de forfaitaire rendementsheffing in strijd met artikel 1 EP, aldus belanghebbende. Voorts stelt belanghebbende dat sprake is van een individuele buitensporige last als bedoeld in artikel 1 EP gelet op de forfaitaire heffing op vermogen waarbij één peildatum wordt gehanteerd, terwijl een aanzienlijk deel van dit vermogen kort na deze peildatum niet langer beschikbaar was als vermogen in box 3.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ebceff121f583630f0775aca7ed602aa9d720e8874a82aa17e5ffe480e44223. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ebceff121f583630f0775aca7ed602aa9d720e8874a82aa17e5ffe480e44223, en de alinea staat in dat document op bytes 18740 tot 19457.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4ebceff121f583630f0775aca7ed602aa9d720e8874a82aa17e5ffe480e44223 | shasum -a 256