Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 10 juli 2018

Onder 4.5. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 10 juli 2018

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 10 juli 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:6302.

“Minister Zalm: (…) Dan de 4%. Ik ben erkentelijk voor de waardering die is geuit over de wat uitvoeriger uiteenzetting hierover. De 4% beoogt te zijn het reële rendement dat je op langere termijn met beleggen risicovrij moet kunnen halen. Dan kom je inderdaad uit bij de staatsobligaties als benchmark, als benaderingswijze van het rendement. Wij spreken dan wel over reëel rendement en niet over nominaal rendement.” (Kamerstukken II 1999/2000, 26 727 en 26 728, nr. 8, p. 26).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ebceff121f583630f0775aca7ed602aa9d720e8874a82aa17e5ffe480e44223. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ebceff121f583630f0775aca7ed602aa9d720e8874a82aa17e5ffe480e44223, en de alinea staat in dat document op bytes 24746 tot 25246.