Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 5 februari 2019
Onder 5.10 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 5 februari 2019
Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 5 februari 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:1060.
EWD acht het oordeel van de rechtbank dat zij tekort was geschoten in, kortweg, de onderbouwing van haar vorderingen (omdat zij bij haar spreadsheet niet toelichtte op welke overeenkomsten de vermelde bedragen precies betrekking hebben en wanneer en onder welke omstandigheden de overeenkomsten zijn gesloten) fundamenteel onjuist. Geïntimeerden zijn, zo voert zij ter toelichting op grief III aan, zeer wel in staat om zelf na te gaan wat de omvang van de bestedingen van de zorginstellingen is geweest. In haar ogen is van een voldoende gemotiveerde betwisting door gedaagden van de omvang van de bestedingen geen sprake en was zij (EWD) daarom niet tot enige bewijsvoering gehouden. Het gaat hier, zo vervolgt zij, om een kartel dat reeds sinds 1998 (of eerder) heeft bestaan, waarvan pas in 2007 is gebleken. Aldus bevat het databestand noodzakelijkerwijs lacunes, die door extrapolatie zijn ingevuld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fdd47c214efc70dec5e78dd3c13899c8eeebee04c2bca5bb858c5c5f6fa55194. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fdd47c214efc70dec5e78dd3c13899c8eeebee04c2bca5bb858c5c5f6fa55194, en de alinea staat in dat document op bytes 37300 tot 38220.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fdd47c214efc70dec5e78dd3c13899c8eeebee04c2bca5bb858c5c5f6fa55194 | shasum -a 256