Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 24 november 2020

Onder 5.9 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 24 november 2020

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 24 november 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:9749.

Het hof is van oordeel dat de man onvoldoende feiten en omstandigheden heeft gesteld waaruit moet blijken dat de vrouw misbruik heeft gemaakt van recht door als wettelijke vertegenwoordiger van [de minderjarige] een verzoek tot voornaamswijziging op grond van artikel 1:4 BW bij de rechtbank in te dienen, nog daargelaten of dit met betrekking tot de onder 5.1 geformuleerde vraag tot een ander oordeel zou leiden wanneer wel sprake zou zijn van misbruik van recht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0bc84c22e21fa72204ed8c43fe0c06e2db848f2d097f1132ef6679957a47d9bc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0bc84c22e21fa72204ed8c43fe0c06e2db848f2d097f1132ef6679957a47d9bc, en de alinea staat in dat document op bytes 17568 tot 18047.