Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 19 april 2022

Onder 3.17 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 19 april 2022

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 19 april 2022, ECLI:NL:GHARL:2022:3003.

Bij brief van 21 september 2015 heeft (de advocaat van) Hibma c.s. [geïntimeerde1] wegens een rechtsvordering tot nakoming van een verbintenis tot schadevergoeding aansprakelijk gesteld en zich ondubbelzinnig zijn recht op nakoming voorbehouden. Deze brief had stuitende werking. De vraag is dan of de door [geïntimeerden] c.s. ingeroepen vijfjarige verjaring is aangevangen vóór 21 september 2010. Daartoe is vereist dat Hibma c.s. voordien daadwerkelijk bekend waren geworden met de voor de verhaalsschade aansprakelijke persoon en daadwerkelijk in staat waren een rechtsvordering tot vergoeding van de door hen geleden schade in te stellen, waarvan sprake zal zijn als de benadeelde voldoende zekerheid heeft verkregen dat schade is veroorzaakt door tekortschietend of fout handelen van de betrokken persoon .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d402b3ac73920c1ba387d36061af7a49ad029aef6ab9e7f104e53be3d827354e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d402b3ac73920c1ba387d36061af7a49ad029aef6ab9e7f104e53be3d827354e, en de alinea staat in dat document op bytes 42268 tot 43289.