Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 20 januari 2026
Alinea 192 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 20 januari 2026
Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 20 januari 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:309.
De wet geeft slechts in bepaalde gevallen recht op vergoeding van immateriële schade, zoals geregeld in artikel 6:106 BW. Degene die dergelijke schade vordert, zal voldoende concrete gegevens moeten aanvoeren waaruit kan volgen dat sprake is van een door de aansprakelijke persoon bestaand oogmerk om zodanig nadeel toe te brengen (artikel 6:106, aanhef en onder a, BW) of dat sprake is van schade in zijn eer of goede naam, dan wel van een aantasting ‘op andere wijze’ in zijn persoon. De aard en de ernst van de normschending en van de gevolgen daarvan voor de benadeelde kunnen meebrengen dat van de bedoelde aantasting in zijn persoon op andere wijze sprake is. In beginsel zal degene die zich hierop beroept de aantasting in zijn persoon met concrete gegevens moeten onderbouwen. In voorkomend geval kunnen de aard en de ernst van de normschending meebrengen dat de in dit verband relevante nadelige gevolgen daarvan voor de benadeelde zo voor de hand liggen, dat een aantasting in de persoon kan worden aangenomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2d4e3f13481a293bdc43e5b852babf83d4a66f312f57be464d36bd822f671f8b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2d4e3f13481a293bdc43e5b852babf83d4a66f312f57be464d36bd822f671f8b, en de alinea staat in dat document op bytes 68448 tot 69486.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2d4e3f13481a293bdc43e5b852babf83d4a66f312f57be464d36bd822f671f8b | shasum -a 256