Citaat | Gerechtshof Arnhem 6 december 2002
Alinea 30 Gerechtshof Arnhem 6 december 2002
Een alinea uit Gerechtshof Arnhem 6 december 2002, ECLI:NL:GHARN:2002:AF1841.
5.6. In de behandeling van een zaak bij de Hoge Raad vindt derhalve geen nieuwe beoordeling van feitelijke aard plaats. In cassatie kan echter wél aan de orde komen of het Nederlandse stelsel van beroep inzake door de inspecteur opgelegde bestuurlijke boeten (ook indien het - zoals hier - om verzuimboeten gaat) in strijd is met artikel 14, vijfde lid, IVBPR en zo ja, of dit tot gevolg heeft dat een opgelegde bestuurlijke boete moet vervallen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fe151ba722d071fc16e365cab1a5f3f27f276224b081067bb6a943f9d7f63226. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fe151ba722d071fc16e365cab1a5f3f27f276224b081067bb6a943f9d7f63226, en de alinea staat in dat document op bytes 9058 tot 9518.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fe151ba722d071fc16e365cab1a5f3f27f276224b081067bb6a943f9d7f63226 | shasum -a 256