Citaat | Gerechtshof Arnhem 1 november 2002
Alinea 32 Gerechtshof Arnhem 1 november 2002
Een alinea uit Gerechtshof Arnhem 1 november 2002, ECLI:NL:GHARN:2002:AF2043.
3.2. Belanghebbende beantwoordt de vorenstaande vraag ontkennend. Hij stelt zich primair op het standpunt dat door de werking van de ontbindende voorwaarde in artikel 8 van de pensioenbrief in het geheel niets kan zijn genoten omdat de rechten geacht moeten worden niet te zijn toegekend. Subsidiair is hij van mening dat op grond van de Overeenkomst tussen de regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de regering van het Koninkrijk België tot het vermijden van dubbele belasting op het gebied van belastingen naar het inkomen en naar het vermogen en tot het vaststellen van enige andere regelen verband houdende met de belastingheffing, gesloten te Brussel op 19 oktober 1970 (hierna: het Verdrag), de heffing over het pensioen toevalt aan België en dat Nederland niet eenzijdig dit heffingsrecht kan frustreren door in zijn wetgeving anti-misbruikbepalingen op te nemen. Meer subsidiair is belanghebbende van mening dat de waarde van het pensioenrecht op de datum van emigratie kan worden vastgesteld op ƒ 194.115.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/43ab71e25bfe1b6e752ec612b3aafa2451c3354f0a57a931e17b2434ad1ef9d9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 43ab71e25bfe1b6e752ec612b3aafa2451c3354f0a57a931e17b2434ad1ef9d9, en de alinea staat in dat document op bytes 10111 tot 11149.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/43ab71e25bfe1b6e752ec612b3aafa2451c3354f0a57a931e17b2434ad1ef9d9 | shasum -a 256