Citaat | Gerechtshof Arnhem 12 mei 2003

Alinea 21 Gerechtshof Arnhem 12 mei 2003

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem 12 mei 2003, ECLI:NL:GHARN:2003:AF8395.

Door de verdediging is voorts de niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie ingeroepen omdat het opsporingsmiddel van stelselmatige inwinning van informatie door de inzet van een undercoveragent in het huis van bewaring waar verdachte gedetineerd was, is toegepast op een wijze die de grenzen van het toelaatbare overschreed. Daarbij voert de verdediging aan dat de inzet in een detentiesituatie de wetgever niet voor ogen kan hebben gestaan en beroept zij zich onder andere, maar in het bijzonder op het arrest van het Europese hof voor de rechten van de mens van 5 november 2002 in de zaak Allan tegen het Verenigd Koninkrijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e4f3f300109e260d4a3163881aa3420f649aa45dd329ec7c5b1bf8c92d23fc07. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e4f3f300109e260d4a3163881aa3420f649aa45dd329ec7c5b1bf8c92d23fc07, en de alinea staat in dat document op bytes 8165 tot 8813.