Citaat | Gerechtshof Arnhem 12 mei 2003

Alinea 23 Gerechtshof Arnhem 12 mei 2003

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem 12 mei 2003, ECLI:NL:GHARN:2003:AF8395.

Met betrekking tot het Allan-arrest overweegt het hof in de eerste plaats, dat de onderhavige zaak in zoverre niet met die van de zaak Allan overeenstemt, dat verdachte, anders dan Allan, niet verkoos gebruik te maken van zijn recht om te zwijgen; hij heeft zowel vóór als na de inzet van de undercoveragent in verhoren bij de politie verklaringen afgelegd. Het hof beseft, dat in zoverre wel een overeenkomst bestaat tussen de zaak van verdachte en die van Allan, dat de overheid wel gebruik heeft gemaakt van een opsporingsmethodiek die mogelijk ertoe kon leiden, dat verdachte voor de bewijsvoering relevante verklaringen zou afleggen die hij niet zou willen afleggen in een regulier verhoor door de rechter-commissaris of door opsporingsambtenaren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e4f3f300109e260d4a3163881aa3420f649aa45dd329ec7c5b1bf8c92d23fc07. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e4f3f300109e260d4a3163881aa3420f649aa45dd329ec7c5b1bf8c92d23fc07, en de alinea staat in dat document op bytes 9139 tot 9906.