Citaat | Gerechtshof Arnhem 12 mei 2003

Alinea 53 Gerechtshof Arnhem 12 mei 2003

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem 12 mei 2003, ECLI:NL:GHARN:2003:AF8395.

Voorts kreeg de politie in maart 2001 de beschikking over een verklaring van de getuige [getuige 4] die voor verdachte belastend leek. Deze getuige verklaarde over een uitlating die verdachte in de oudejaarsnacht 1999-2000 in de binnenstad van Enschede gedaan zou hebben en die achteraf kon worden opgevat als een aankondiging door verdachte van de hem thans verweten brandstichting. Voorts maakte deze getuige melding van een aantal feiten en omstandigheden die verdachte als een pathologische brandstichter neerzetten. Nader onderzoek wees echter uit dat verdachte de bewuste oudejaarsnacht niet in Enschede, maar in Almelo had doorgebracht en het beeld van een pathologische brandstichter zoals door [getuige 4] geschetst, vond in verdachtes strafrechtelijk verleden en ook overigens geen noemenswaardige bevestiging. Deze getuige is later wegens meineed veroordeeld en aan zijn verklaringen valt in ieder geval geen overtuigende kracht meer toe te kennen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e4f3f300109e260d4a3163881aa3420f649aa45dd329ec7c5b1bf8c92d23fc07. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e4f3f300109e260d4a3163881aa3420f649aa45dd329ec7c5b1bf8c92d23fc07, en de alinea staat in dat document op bytes 30050 tot 31022.