Citaat | Gerechtshof Arnhem 25 maart 2003

Alinea 49 Gerechtshof Arnhem 25 maart 2003

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem 25 maart 2003, ECLI:NL:GHARN:2003:AF8402.

Ten onrechte overweegt de rechtbank in r.o. 3.6 dat, zou de Bank het in r.o. 3.5 genoemde bewijs niet leveren, de curator in de gelegenheid wordt gesteld te bewijzen dat de Bank te kwader trouw was in de zin van art. 54 Fw op de momenten dat zij de koopsommen op de rekening van [E.] bij haar ontving en met haar vordering op [E.] verrekende.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efe606084a3de89cb4c6ad01d4d0689ff5a3536e5937106ee12eb1b6a2692e17. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efe606084a3de89cb4c6ad01d4d0689ff5a3536e5937106ee12eb1b6a2692e17, en de alinea staat in dat document op bytes 11992 tot 12348.