Citaat | Gerechtshof Arnhem 11 december 2003
Alinea 19 Gerechtshof Arnhem 11 december 2003
Een alinea uit Gerechtshof Arnhem 11 december 2003, ECLI:NL:GHARN:2003:AO1508.
2.5. Zowel bij het opleggen van de voorlopige aanslag naar aanleiding van de door belanghebbende ingediende aangifte, als bij het vaststellen van de definitieve aanslag heeft een medewerker op de administratie van de Inspecteur het op grond van artikel 20a, tweede lid, juncto artikel 60 van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 (hierna: de Wet) te verrekenen bedrag vastgesteld op ƒ 70.284, zijnde het volledige bedrag van het door belanghebbende in zijn aangifte opgenomen verlies uit aanmerkelijk belang. De voorlopige aanslag heeft geleid tot een teruggaaf aan belanghebbende van een bedrag van ƒ 27.252. De daarna opgelegde definitieve aanslag vermeldde - per saldo - een bedrag van nihil. Gelijktijdig met het opleggen van de aanslag heeft de Inspecteur een Beschikking verrekening verlies uit aanmerkelijk belang vastgesteld waarbij het op 31 december 1999 ter zake van een verlies uit aanmerkelijk belang nog te verrekenen bedrag is vastgesteld op ƒ 27.603.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8b4ab0ced55647339fecedeb9a63b388e583c42f45cc296efe74c04aec45c59. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8b4ab0ced55647339fecedeb9a63b388e583c42f45cc296efe74c04aec45c59, en de alinea staat in dat document op bytes 8144 tot 9126.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b8b4ab0ced55647339fecedeb9a63b388e583c42f45cc296efe74c04aec45c59 | shasum -a 256