Citaat | Gerechtshof Arnhem 1 april 2008

Alinea 166 Gerechtshof Arnhem 1 april 2008

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem 1 april 2008, ECLI:NL:GHARN:2008:BC9484.

3.53 Het hof passeert het door Dexia opgeworpen verweer dat de wetgever geen bevoogdingsplicht zou wensen aan te nemen. Het van Dexia te vergen onderzoek naar de inkomens- en vermogenspositie strekt niet zo ver dat van haar een verstrekkende adviserende rol wordt verlangd. Van Dexia kan wel worden verwacht dat zij, alvorens dit soort risicovolle overeenkomsten aan te gaan, waaruit langlopende financiële verplichtingen voortvloeien, in ieder geval de financiële- en vermogenspositie van haar wederpartij in kaart brengt om na te gaan of de lasten voortvloeiende uit de overeenkomst redelijkerwijze kunnen worden voldaan, ook bij een tekortschietende verkoopopbrengst. Indien dat naar haar oordeel niet het geval is, dan dient zij haar wederpartij daarvan in kennis te stellen en, indien nodig, bij het aangaan van de overeenkomst maatregelen te treffen om de risico’s zoveel als mogelijk te beperken of, bij het (vrijwel) ontbreken van mogelijkheden bij de wederpartij om zulke negatieve ontwikkelingen op te vangen, te adviseren af te zien van het sluiten van zo’n overeenkomst. Het beginsel van contractsvrijheid doet hieraan niet af. Dat ten tijde van het sluiten van de overeenkomst de rechtsopvattingen in Nederland in de weg zouden staan van de onder 3.51 bedoelde verplichting wordt niet als juist aanvaard. De verplichting strookt met de bepaling van artikel 28 Wck.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ebcac00a4cbfcdd5842f0ba040463f8ff01503f47ea52236ddf7379ae72bcf8c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ebcac00a4cbfcdd5842f0ba040463f8ff01503f47ea52236ddf7379ae72bcf8c, en de alinea staat in dat document op bytes 62529 tot 63926.