Citaat | Gerechtshof Arnhem 30 oktober 2012

Alinea 72 Gerechtshof Arnhem 30 oktober 2012

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem 30 oktober 2012, ECLI:NL:GHARN:2012:BY3249.

4.5 Het Hof is van oordeel dat belanghebbende in haar bewijslast is geslaagd. Redengevend daarvoor is dat (i) over het jaar 2001 de vorming van een HIR is toegestaan voor het project (zie 2.14); (ii) in december 2003 een marktrapport over het project is uitgebracht (zie 2.4) en (iii) het project in 2006, conform de oorspronkelijke plannen, binnen de fiscale eenheid is gerealiseerd (zie 2.15). Verder heeft het Hof in aanmerking genomen de verklaringen van A ter zitting van het Hof en de verklaring van L (zie 2.16). Het Hof acht verder aannemelijk dat de herinvestering in het project - dat wil zeggen het aangaan van verplichtingen ter zake - nog vóór het einde van het jaar 2004 zou kunnen worden gerealiseerd. In dat verband heeft belanghebbende onweersproken gesteld dat zij aan de benodigde financiële middelen hiervoor zou kunnen komen. Ten slotte merkt het Hof nog op dat, nu het project vanaf het begin ziet op de realisatie van bedrijfsruimtes waarvan een aantal bestemd is voor de verhuur, voldaan is aan het vereiste van eenzelfde economische functie als bedoeld in artikel 3.54 van de Wet IB 2001.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e1daef390809943ba3bfd278c8b86302fe9c3095ecdfa222e6ed0a9077f4cc00. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e1daef390809943ba3bfd278c8b86302fe9c3095ecdfa222e6ed0a9077f4cc00, en de alinea staat in dat document op bytes 20421 tot 21551.