Citaat | Gerechtshof Den Haag 26 april 2013
Alinea 53 Gerechtshof Den Haag 26 april 2013
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 26 april 2013, ECLI:NL:GHDHA:2013:1802.
7.1. Gelet op de door de Hoge Raad geschetste beoordelingscriteria, die zo zijn te lezen dat zij in eerste instantie en in hoofdzaak aanwijzingen inhouden over het door een inspecteur in gevallen als dit te leveren bewijs, en uitgaande dat de Inspecteur voor het Gerechtshof Amsterdam wat dat aangaat kennelijk heeft tekortgeschoten, is het Hof van oordeel dat de Inspecteur met hetgeen hij heeft aangevoerd en aan stukken heeft ingebracht, in het bijzonder in aanmerking nemende dat vergeleken met de procedure voor het Gerechtshof Amsterdam geen wezenlijk nieuwe gegevens zijn aangedragen en geen wezenlijk andere argumenten zijn gehanteerd - in feite is goeddeels sprake van niet meer dan een herschikking van al voorhanden zijnde gegevens en van een herformulering van eerdere argumenten -, opnieuw onvoldoende feiten en omstandigheden aannemelijk heeft gemaakt, tegenover de gemotiveerde betwisting door belanghebbende, die de conclusie rechtvaardigen dat belanghebbende voor enig jaar het feit ter zake waarvan de verhoging of boete is opgelegd, heeft begaan. Het gelijk is aan de zijde van belanghebbende.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d631cfecbedb5a5f9b1edcef5d52f618e80f2fc861283604540fd1cf92c97534. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d631cfecbedb5a5f9b1edcef5d52f618e80f2fc861283604540fd1cf92c97534, en de alinea staat in dat document op bytes 18079 tot 19204.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d631cfecbedb5a5f9b1edcef5d52f618e80f2fc861283604540fd1cf92c97534 | shasum -a 256