Citaat | Gerechtshof Den Haag 29 januari 2013

Onder 12. Gerechtshof Den Haag 29 januari 2013

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 29 januari 2013, ECLI:NL:GHDHA:2013:5332.

Hallmark heeft steeds gesteld dat de te berekenen prijs voor de blackbox met kleefkader, gelet op de kostprijs, de marges voor de detaillist, retouren en extra kortingen, uitgaande van een – volgens Hallmark eigenlijk te hoge – oplage van 150.000 stuks minimaal fl. 24,95 zou bedragen, dat deze prijs ver boven de acceptabele consumentenprijs ligt en dat die maximaal acceptabele prijs moet worden ingeschat op fl. 9,95 (zie punt 43 memorie van antwoord). [appellant] heeft ter betwisting van de stelling van Hallmark dat de acceptabele prijs (ver) onder fl. 24,95 ligt gewezen op de, volgens hem met de blackbox vergelijkbare, door Mercurius op de markt gebrachte, Millenniumbox, die inclusief een boekje, een CD en een kalender en een (door de klant te kiezen) tekst en opdruk, in 1999 een prijs had van € 12,93 / fl. 28,49 exclusief BTW (vergelijk productie 22 bij zijn akte van 26 juli 2007) . Hallmark heeft in reactie hierop gesteld dat de Milleniumbox een flop is gebleken en er slechts een omzet is gehaald van fl. 83.084,00 door de verkoop van 3000 boxen (waarvan 1000 in Nederland). [appellant] betwist niet gemotiveerd dat met de millenniumbox slechts genoemde omzet is gehaald en dat dit een zodanig geringe omzet is dat sprake is van een flop, althans geen sprake is van een economisch verantwoorde exploitatie. Hij stelt echter dat dit is veroorzaakt doordat Mercurius door Hallmark werd gedwongen de Milleniumbox van de markt te halen omdat daarmee inbreuk werd gemaakt op het octrooi met betrekking tot de blackbox. Hallmark heeft deze stelling betwist en [appellant] heeft haar niet voldoende concreet onderbouwd. Hij heeft weliswaar aangeboden de oud-directeur van Mercurius [getuige] hierover als getuige te doen horen, maar nadat hem dat was toegestaan in de beschikking van het hof van 6 oktober 2005 waarbij op verzoek van [appellant] een voorlopig getuigenverhoor is bevolen (overgelegd als productie 12 bij de akte overlegging producties van [appellant] van 1 juni 2006), heeft hij daarvan afgezien (vergelijk ook punt 196 memorie van antwoord), zodat het hof thans geen aanleiding ziet [appellant] nogmaals toe te laten tot dit getuigenbewijs. Gelet op het bovenstaande gaat het hof aan de stelling dat Mercurius door Hallmark werd gedwongen de Milleniumbox van de markt te halen omdat daarmee inbreuk op het octrooi werd gemaakt, als onvoldoende onderbouwd voorbij. Bovendien was, zoals blijkt uit voormelde productie 22, de prijs van de Milleniumbox inclusief een boekje, een CD, een kalender en een persoonlijke tekst en opdruk, zodat zonder nadere toelichting, die ontbreekt, niet kan worden vastgesteld wat de prijs van Milleniumbox zonder meer zou zijn geweest. Gelet op het bovenstaande laat het hof de Milleniumbox voor het bepalen van de acceptabele prijs buiten beschouwing. Voor het overige heeft [appellant] de stelling van Hallmark dat de acceptabele consumentenprijs (ver) onder fl. 24, 95 lag niet gemotiveerd betwist. [appellant] stelt dat de te berekenen consumentenprijs fl. 14,52 bedraagt en is kennelijk van oordeel dat de acceptabele prijs daarboven ligt. Partijen en de deskundige gaan er vanuit dat de deskundige ook een oordeel moest of mocht geven over de acceptabele consumentenprijs. De deskundige is van oordeel dat de acceptabele consumentenprijs gelegen is tussen fl.14,95 en fl. 19,95 voor de blackbox met kleefkader, tegen welk oordeel door partijen in het kader van het bepalen van de acceptabele prijs geen voldoende gemotiveerd bezwaar is gemaakt. Weliswaar verwijt [appellant] de deskundige dat niet duidelijk is hoe hij tot dit bedrag is gekomen en dat hij de prijzen van vergelijkbare keepsake boxes niet kenbaar in aanmerking heeft genomen, maar nu [appellant] geen andere prijs voor de blackbox met kleefkader noemt dan fl.14,52 (dat lager is dan de door de deskundige genoemde prijs) en zelfs geen prijs van een vergelijkbaar product noemt (terwijl de bewijslast met betrekking tot de haalbaarheidsvraag op hem rust), gaat het hof aan deze verwijten van [appellant] als onvoldoende begrijpelijk en/of onderbouwd voorbij. Gelet op het bovenstaande gaat het hof uit van een maximale marktwaarde/ maximaal acceptabele consumentenprijs van fl. 19,95.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2bf2ef266fe786f9317b1cde6a1e1e6cd8b5904fcae2a89a666dbf8774df90c4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2bf2ef266fe786f9317b1cde6a1e1e6cd8b5904fcae2a89a666dbf8774df90c4, en de alinea staat in dat document op bytes 19683 tot 23915.