Citaat | Gerechtshof Den Haag 28 januari 2014
Onder 8. Gerechtshof Den Haag 28 januari 2014
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 28 januari 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:1050.
Het hof overweegt als volgt. In geval van beëindiging door echtscheiding is het peilmoment de aanvang van de dag waarop het daartoe strekkende eenzijdige echtscheidingsverzoek is ingediend (artikel 1:136 lid 2, tweede zin, oud BW). De echtscheidingsbeschikking van de rechtbank te Rotterdam van 24 september 2007 vermeldt niet de dag van indiening van het echtscheidingsverzoek. In de memorie van antwoord tevens houdende incidenteel beroep en akte vermeerdering van eis wordt door de vrouw genoemd als datum waarop het inleidend verzoek strekkende tot echtscheiding is ingediend: 15 februari 2007. Deze datum is door de man niet weersproken, zodat het hof van die dag van indiening zal uitgaan. Dat leidt er toe dat – in beginsel – de vaststelling van de vermogensbestanddelen die tot het eindvermogen van ieder van hen behoren, per dat tijdstip dient plaats te vinden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbce6e861cab5d08b35e42c75dbff102a77af42efeb310529a75259d44e07d25. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbce6e861cab5d08b35e42c75dbff102a77af42efeb310529a75259d44e07d25, en de alinea staat in dat document op bytes 27067 tot 27956.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fbce6e861cab5d08b35e42c75dbff102a77af42efeb310529a75259d44e07d25 | shasum -a 256