Citaat | Gerechtshof Den Haag 8 januari 2014
Onder 4.10 Gerechtshof Den Haag 8 januari 2014
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 8 januari 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:13.
Naar de rechtbank hiervoor in 4.8 heeft overwogen, acht de rechtbank voldoende aannemelijk geworden dat [A] bekend was met de haar opgelegde naheffingsaanslagen. Voorts overweegt de rechtbank met betrekking tot het onderhavige geschilpunt dat het hiervoor in 4.8 genoemde gesprek het vermoeden wettigt dat [A] de naheffingsaanslagen naar aanleiding waarvan het gesprek heeft plaatsgevonden, – na daartoe te zijn aangemaand – onbetaald heeft gelaten. Verweerder heeft met betrekking tot de naheffingsaanslag d.d. 31 juli 2008 nog gesteld dat de aanmaning op 23 augustus 2008 is gezonden naar het eerder gebruikte adres en dat wegens het uitblijven van betaling op 9 september 2008 een dwangbevel is verzonden. Nu eiseres daar tegenover niets heeft aangevoerd op basis waarvan aan de juistheid daarvan getwijfeld zou moeten worden, acht de rechtbank het aannemelijk dat [A] ook met de op de naheffingsaanslag d.d. 31 juli 2008 verschuldigde belasting bekend moet zijn geweest, maar dat zij ook deze schuld onbetaald heeft gelaten. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat [A] ten tijde van de aansprakelijkstelling in gebreke is geweest met de betaling van de belastingschulden waarvoor eiseres aansprakelijk is gesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f36f392821cf156a1a15f771c01b9274c9551d90b1b82fcb79a1ab95ab62e104. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f36f392821cf156a1a15f771c01b9274c9551d90b1b82fcb79a1ab95ab62e104, en de alinea staat in dat document op bytes 39981 tot 41231.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f36f392821cf156a1a15f771c01b9274c9551d90b1b82fcb79a1ab95ab62e104 | shasum -a 256