Citaat | Gerechtshof Den Haag 8 januari 2014

Onder 4.12 Gerechtshof Den Haag 8 januari 2014

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 8 januari 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:13.

De rechtbank stelt daarbij voorop dat uit de gedingstukken blijkt dat verweerder de aanslagen niet heeft vastgesteld door middel van een “ruwe” schatting, maar op basis van ‘matching’ van facturen en andere gegevens uit de administraties van derden, waaronder die van eiseres. Verweerder heeft daarmee naar het oordeel van de rechtbank aannemelijk gemaakt dat de naheffingsaanslagen niet te hoog zijn vastgesteld. De rechtbank neemt hierbij mede in aanmerking dat verweerder door onder meer overlegging van enkele strafvonnissen voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de in de administratie van [uitzendbureau B] aangetroffen facturen van [uitzendbureau C] als vals dienen te worden aangemerkt en dat deze waren opgemaakt teneinde door de belastingschuldige uitbetaald ‘zwart’ loon te verhullen. Eiseres is vervolgens op basis van de omzet, vastgesteld aan de hand van de in haar eigen administratie aangetroffen facturen van [uitzendbureau B] voor de ingeleende arbeid, aansprakelijk gesteld voor de onbetaald gebleven belasting. Voor zover eiseres heeft gesteld dat er sprake was van zogenaamde “leegloopuren”, oordeelt de rechtbank dat er door eiseres te weinig is aangevoerd dat tot de conclusie kan leiden dat er zogenaamde “leegloopuren” waren, waarvoor geen vergoeding is gegeven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f36f392821cf156a1a15f771c01b9274c9551d90b1b82fcb79a1ab95ab62e104. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f36f392821cf156a1a15f771c01b9274c9551d90b1b82fcb79a1ab95ab62e104, en de alinea staat in dat document op bytes 42245 tot 43593.