Citaat | Gerechtshof Den Haag 15 april 2014
Onder 2 Gerechtshof Den Haag 15 april 2014
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 15 april 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:1339.
12. Het hof stelt voorop dat het vervalbeding blijkens tekst en strekking betrekking heeft op een afrekening van de kosten van de huishouding over het voorliggende jaar. De door de man overgelegde overzichten, die door partijen zijn getekend, zien daar echter niet op. Zij betreffen de vaststelling van hetgeen de vrouw het komende jaar maandelijks dient bij te dragen aan de kosten van de huishouding. Dit brengt mee dat van een vordering tot vaststelling van ieders bijdrage over het afgelopen jaar in de zin van de samenlevingsovereenkomst geen sprake is (geweest) en de vrouw een en ander ook niet aldus had hoeven opvatten. Evenmin laten genoemde overzichten zich interpreteren als vorderingen van de zijde van de man tot afrekening van de bijdrage van de vrouw over het afgelopen jaar als bedoeld in de overeenkomst. Zo behelzen de overzichten geen berekening van hetgeen de vrouw volgens de man over het gehele (voorafgaande) jaar aan het eind waarvan de overzichten zijn opgemaakt - in totaal - te weinig heeft bijgedragen. Van vaststelling als bedoeld in de overeenkomst is geen sprake, laat staan van - tijdige - vorderingen tot afrekening in de overeengekomen zin. De bescheiden waar de man naar verwijst – wat daar overigens ook van zij – behelzen geen duidelijke vordering als bedoeld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c195ec7d624296c63b31dbeb5173b7e36cf070fa2dce9480091ed0e3215ff830. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c195ec7d624296c63b31dbeb5173b7e36cf070fa2dce9480091ed0e3215ff830, en de alinea staat in dat document op bytes 26609 tot 27924.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c195ec7d624296c63b31dbeb5173b7e36cf070fa2dce9480091ed0e3215ff830 | shasum -a 256