Citaat | Gerechtshof Den Haag 15 april 2014

Onder 2 Gerechtshof Den Haag 15 april 2014

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 15 april 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:1339.

31. Het hof overweegt als volgt. Nu beide partijen hebben ingestemd met taxatie door Wijnstra zal het hof dit rapport als uitgangspunt nemen voor de beoordeling van de waarde van de woning. Evenwel hebben beide partijen nagelaten dit rapport in het geding te brengen, terwijl dit op de weg van de man had gelegen omdat hij de uitkomst van dit rapport bestrijdt. Het hof zal derhalve bij de beoordeling van de grief (moeten) uitgaan van hetgeen partijen, onder verwijzing naar producties, over het rapport vermelden. Na het uitbrengen van het rapport heeft de man zich schriftelijk tot Wijnstra gewend om hem te wijzen op een aantal onjuistheden dan wel onvolkomenheden uit het rapport (productie 51 a e.v.). Evenzo heeft de man zich tot de rechtbank gewend (zie grief 1). De man stelt in dat kader vooreerst dat Wijnstra van een verkeerd aantal vierkante meters is uitgegaan bij zijn waardering, maar een onderbouwing van zijn stelling over de juistheid van het door de man genoemde metrage ontbreekt. Het hof zal daarom aan die stelling voorbijgaan. Hetzelfde geldt voor hetgeen de man opmerkt omtrent referentie-woningen. Het hof stelt op grond van de brief van de man aan Wijnstra vast dat Wijnstra in het kader van de taxatie wel in de woning is geweest.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c195ec7d624296c63b31dbeb5173b7e36cf070fa2dce9480091ed0e3215ff830. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c195ec7d624296c63b31dbeb5173b7e36cf070fa2dce9480091ed0e3215ff830, en de alinea staat in dat document op bytes 54328 tot 55599.