Citaat | Gerechtshof Den Haag 6 mei 2014

Onder 10. Gerechtshof Den Haag 6 mei 2014

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 6 mei 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:1539.

De Gemeente heeft betoogd dat na de overstroming van de kade in 2002 omwonenden, waaronder de heer [omwonende], het Hoogheemraadschap hebben gewaarschuwd dat de kade water en zand lekte, en heeft daarvan bewijs aangeboden door het horen van getuigen. Het hof passeert dat bewijsaanbod, omdat de betreffende feiten en omstandigheden, indien bewezen, niet tot een ander oordeel kunnen leiden. Het Hoogheemraadschap heeft immers voldoende onderbouwd naar voren gebracht dat het ook na de overstroming van de kade in 2002 de nodig geachte maatregelen heeft genomen ter versteviging van de kade met het oog op natte omstandigheden (het aanleggen van de zogenaamde tuimelkade). Op het risico van een afschuiving van de kade onder (zeer) droge omstandigheden behoefde het Hoogheemraadschap, zoals hierboven is overwogen, toen niet bedacht te zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7a4f66bc3b5128185182c22d67e465c0930f19c183044ce3654ee990d1e48a3a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7a4f66bc3b5128185182c22d67e465c0930f19c183044ce3654ee990d1e48a3a, en de alinea staat in dat document op bytes 27053 tot 27906.