Citaat | Gerechtshof Den Haag 17 juni 2014
Onder 1 Gerechtshof Den Haag 17 juni 2014
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 17 juni 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:2002.
[betrokkene1], de partner van [slachtoffer], heeft verklaard dat ‘[slachtoffer]’ zijn bijnaam was en dat hij bij een jachtclub werkte. Voorts heeft [betrokkene1] verklaard dat iemand van het secretariaat van de jachtclub haar na 12 juli 2005 heeft verteld dat twee buitenlanders daar die dag met eten waren aangekomen. Het was de dag dat [slachtoffer] had afgezegd. Toen hadden de Nederlanders gezegd: “dan gaan we morgen”. Omdat ze die maandag niet konden gaan lieten zij hun boodschappen achter bij de receptie van de jachtclub.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c5911097fd1e0fac643da87a7620269a23673d5fcc1b6720a3b9236ad07e28af. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c5911097fd1e0fac643da87a7620269a23673d5fcc1b6720a3b9236ad07e28af, en de alinea staat in dat document op bytes 38884 tot 39436.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c5911097fd1e0fac643da87a7620269a23673d5fcc1b6720a3b9236ad07e28af | shasum -a 256