Citaat | Gerechtshof Den Haag 17 juni 2014
Onder 1 Gerechtshof Den Haag 17 juni 2014
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 17 juni 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:2002.
De beantwoording van de vraag of de gedraging de aanmerkelijke kans op een bepaald gevolg in het leven roept, is afhankelijk van de omstandigheden van het geval, waarbij betekenis toekomt aan de aard van de gedraging en de omstandigheden waaronder deze is verricht. Het zal in alle gevallen moeten gaan om een kans die naar algemene ervaringsregels aanmerkelijk is te achten (I). Voor de vaststelling dat de verdachte zich willens en wetens heeft blootgesteld aan zulk een kans is voorts niet alleen vereist dat de verdachte wetenschap heeft van de aanmerkelijke kans dat het gevolg zal intreden (II), maar ook dat hij die kans ten tijde van de gedraging bewust heeft aanvaard (op de koop toe heeft genomen)(III). Bepaalde gedragingen kunnen naar hun uiterlijke verschijningsvorm worden aangemerkt als zo zeer gericht op een bepaald gevolg dat het - behoudens contra-indicaties - niet anders kan zijn dan dat de verdachte de aanmerkelijke kans op het desbetreffende gevolg heeft aanvaard (vgl. HR 30 december 2012, LJN BX5396 en 25 maart 2003, LJN AE9049) (IV).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c5911097fd1e0fac643da87a7620269a23673d5fcc1b6720a3b9236ad07e28af. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c5911097fd1e0fac643da87a7620269a23673d5fcc1b6720a3b9236ad07e28af, en de alinea staat in dat document op bytes 42273 tot 43348.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c5911097fd1e0fac643da87a7620269a23673d5fcc1b6720a3b9236ad07e28af | shasum -a 256