Citaat | Gerechtshof Den Haag 31 januari 2014

Alinea 28 Gerechtshof Den Haag 31 januari 2014

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 31 januari 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:208.

De aanleiding tot dit onderzoek (…) en het redelijk vermoeden is verwoord in (…). In dat proces-verbaal is omschreven welke vermoedens er zijn gerezen tegen [[Y]], [[A]], [C] B.V., [D] en [E] en welke feiten en omstandigheden hiertoe (mede) de aanleiding zijn geweest. Tijdens onderzoek (…) zijn onder meer de vermoedens gerezen dat [[Y]] (een [automerk 1]-dealer) betrokken is bij valsheid in geschrifte en welke vermoedelijk is gepleegd bij de facturatie aan 'afnemers' van meerdere auto’s uit de fraudeketen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/09243d6a33e9a351f487e7c7fa957b5b8b89615cf7b41b31cf26c2bacd345b8f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 09243d6a33e9a351f487e7c7fa957b5b8b89615cf7b41b31cf26c2bacd345b8f, en de alinea staat in dat document op bytes 9015 tot 9547.