Citaat | Gerechtshof Den Haag 31 januari 2014

Alinea 44 Gerechtshof Den Haag 31 januari 2014

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 31 januari 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:208.

Op basis van de aantekeningen op de betreffende facturen die in de administratie van [[Y]] zijn aangetroffen bestaat het vermoeden dat de betreffende auto’s door [C] B.V. werden ingekocht van [B] en verkocht aan afnemers van [C] B.V. De auto’s werden echter gefactureerd aan en door [[Y]]. Dit vermoeden is bevestigd door de verklaring van [[D]], die hij aflegde tegenover de ambtenaren van de FIOD op 9 december 2010 (…) maar ook door de verklaringen van [E]. [B] stuurde namelijk een factuur aan [[Y]] maar ook direct of nog eerder per fax een exemplaar aan [C] B.V. [[D]] of [[E]] schreef op de [[B]]-factuur direct aan wie zij ([C] B.V.) de auto hadden verkocht en voor welk bedrag. Dat exemplaar faxten zij door aan [[Y]] zodat [[A]] direct wist aan wie hij de betreffende auto moest doorfactureren en voor welk bedrag. Overigens zocht [C] B.V. eerst kopers voor deze auto’s voordat [C] B.V. opdracht gaf aan [B] en/of (…) en/of andere medeverdachten om de betreffende auto’s in Duitsland in te (laten) kopen. Ook dit valt onder meer op te maken uit de verklaringen van [[E]].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/09243d6a33e9a351f487e7c7fa957b5b8b89615cf7b41b31cf26c2bacd345b8f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 09243d6a33e9a351f487e7c7fa957b5b8b89615cf7b41b31cf26c2bacd345b8f, en de alinea staat in dat document op bytes 11270 tot 12376.