Citaat | Gerechtshof Den Haag 28 mei 2014

Onder 2. Gerechtshof Den Haag 28 mei 2014

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 28 mei 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:2263.

g. primair te bepalen dat de man een (gebruiks)vergoeding ad primair € 4.500,- per maand en subsidiair € 5.090,- per maand is verschuldigd aan de vrouw vanwege het (voorgezet) gebruik van de woning met uitsluiting van de vrouw, vanaf 1 maart 2012 tot en met de dag dat het gebruik van de woning door de man eindigt en de vrouw in staat is gesteld om de woning te gebruiken, te vermeerderen met wettelijke rente telkens vanaf de eerste dag van iedere maand dat de man de (maandelijkse) gebruiksvergoeding is verschuldigd en deze niet heeft voldaan, telkens tot aan de dag der algehele voldoening en daarbij - indien de man volledige openheid van zaken geeft omtrent zijn inkomsten en vermogen - te bepalen dat de door de man verschuldigde gebruiksvergoeding eerst opeisbaar is bij verkoop en levering van (een gedeelte van) de woning, doch uiterlijk op 1 april 2014;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aade072581e3315cca463f44495b86ab463730966f59dff8fe4da900fa3a50cb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aade072581e3315cca463f44495b86ab463730966f59dff8fe4da900fa3a50cb, en de alinea staat in dat document op bytes 16936 tot 17818.