Citaat | Gerechtshof Den Haag 1 juli 2014
Onder 9. Gerechtshof Den Haag 1 juli 2014
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 1 juli 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:2305.
4.6.5. Het voorgaande brengt het Hof tot het oordeel dat de erfgenamen van de belastingplichtige aanspraak kunnen maken op vergoeding van de onderwerpelijke immateriële schade indien de belastingplichtige vóór zijn overlijden reeds om die vergoeding had verzocht. De bij de beoordeling van een door de overledene gedaan verzoek in acht te nemen termijn die met de beslechting van het geschil is gemoeid eindigt op het overlijdenstijdstip van die belastingplichtige. Het voorgaande laat onverlet dat de erfgenamen zelfstandig aanspraak kunnen maken op vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn indien die termijn te hunnen aanzien is overschreden, waardoor zij zelf kunnen worden geacht spanning en frustratie te hebben ondergaan als gevolg van de termijn die met de beslechting van het geschil is gemoeid.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2a2d8b4e30f72ab19cff55c4a92db59af204a0ad131c2a80a96745aa2773f1da. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2a2d8b4e30f72ab19cff55c4a92db59af204a0ad131c2a80a96745aa2773f1da, en de alinea staat in dat document op bytes 20677 tot 21538.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2a2d8b4e30f72ab19cff55c4a92db59af204a0ad131c2a80a96745aa2773f1da | shasum -a 256