Citaat | Gerechtshof Den Haag 12 november 2014
Alinea 82 Gerechtshof Den Haag 12 november 2014
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 12 november 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:3736.
11. Volgens de man heeft de rechtbank ten onrechte bepaald dat het saldo op de rekeningen van partijen op de peildatum moet worden verdeeld. De vrouw heeft met het oog op de echtscheidingsprocedure gelden van de gezamenlijke bankrekeningen overgemaakt naar de rekening van haar zus. Zij heeft in totaal na het vertrek van de man in mei 2012 tenminste € 31.000,- opgemaakt. Dit bedrag stond volgens de man bij zijn vertrek op de [bank 2] spaarrekening en de [bank 3] bonusrekening van partijen. Zij dient dit bedrag aan de gemeenschap te vergoeden. Na zijn vertrek is in ieder geval een bedrag van ten minste € 20.000,- van deze rekeningen verdwenen. De man beroept zich, voor zover het hof uit het petitum in samenhang met de grieven en hetgeen door de raadsman van de man ter zitting naar voren is gebracht begrijpt, primair op artikel 1:164 BW. Subsidiair stelt hij zich op het standpunt dat op grond van de redelijkheid en billijkheid bij de verdeling van de saldi van de bankrekeningen van partijen als peildatum 30 april 2012 wordt gehanteerd, dan wel de datum waarop de gemeenschapsgelden, die door de vrouw zijn opgenomen na het vertrek van de man, nog op de bankrekeningen stonden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d7e45fa0dd64285bc0a93de078270024b0c7be83403d37c9a9916d569459377a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d7e45fa0dd64285bc0a93de078270024b0c7be83403d37c9a9916d569459377a, en de alinea staat in dat document op bytes 23606 tot 24825.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d7e45fa0dd64285bc0a93de078270024b0c7be83403d37c9a9916d569459377a | shasum -a 256