Citaat | Gerechtshof Den Haag 9 december 2014
Onder 3.10 Gerechtshof Den Haag 9 december 2014
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 9 december 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:4216.
VPR c.s. voeren voorts aan dat in de Drank- en horecawet en in de fiscale wetgeving elektriciteit gelijk wordt gesteld aan motorbrandstof. Het hof is door dit argument niet overtuigd. De doeleinden van de wetgeving op deze beide andere gebieden zijn geheel anders dan die van het Convenant en de op het Convenant aansluitende Benzinewet. Er zijn ook geen aanwijzingen dat in het Convenant of de Benzinewet beoogd is aan te sluiten bij het in deze andere wetten gebruikte begrippenkader. Het feit dat art. 22 lid 1 van de Drank- en Horecawet in de Benzinewet is gewijzigd levert niet een zodanige aanwijzing op, aangezien deze wijziging geen betrekking had op de begrippen waar het in deze zaak om gaat. Ook de omstandigheid dat de Staat thans bij de berekening van de vergoeding voor de laadpunten aansluiting zoekt bij de systematiek waardoor de vergoeding voor benzinestations wordt bepaald, leidt niet tot een ander oordeel. Niet valt in te zien wat deze omstandigheid kan bijdragen tot het oordeel over de betekenis van het in 2000 gesloten Convenant.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8d96d7810fe9cc2c851de9dc187b2affc6dbaffc58fbe1a5cf8d8669a11b3678. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8d96d7810fe9cc2c851de9dc187b2affc6dbaffc58fbe1a5cf8d8669a11b3678, en de alinea staat in dat document op bytes 35741 tot 36809.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8d96d7810fe9cc2c851de9dc187b2affc6dbaffc58fbe1a5cf8d8669a11b3678 | shasum -a 256