Citaat | Gerechtshof Den Haag 24 maart 2015
Alinea 64 Gerechtshof Den Haag 24 maart 2015
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 24 maart 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:1669.
22. De man heeft gesteld dat deze woning niet in de verrekening moet worden betrokken. Het hof overweegt als volgt. Na het einde van het deelgenootschap omvat het eindvermogen van ieder van de (ex)echtgenoten alle dan aanwezige goederen en alsdan bestaande schulden en lasten (art.1:136 lid 2 (oud) BW. Naar het oordeel van het hof zijn door de man geen rechtens relevante feiten en omstandigheden gesteld op grond waarvan de woning met inachtneming van art.1:141 (oud), jo. art. 1:94 leden 1 en 3 (oud) BW niet in de deling (verrekening) moet worden betrokken. Het woonhuis behoorde op de peildatum tot het vermogen van de man. Niet is gebleken dat de woning ook bij het bestaan van de wettelijke gemeenschap van goederen niet in aanmerking zou zijn genomen bij de verdeling daarvan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa4c79a3e7b9168d3908c8a495c9c513c96623b2753a9217839892eb7ff4a6f7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa4c79a3e7b9168d3908c8a495c9c513c96623b2753a9217839892eb7ff4a6f7, en de alinea staat in dat document op bytes 15402 tot 16199.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fa4c79a3e7b9168d3908c8a495c9c513c96623b2753a9217839892eb7ff4a6f7 | shasum -a 256