Citaat | Gerechtshof Den Haag 17 februari 2015
Alinea 95 Gerechtshof Den Haag 17 februari 2015
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 17 februari 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:255.
4.5 Verder is van belang dat EOO niet op de voet van art. 24 EEX-Verordening (met ingang van 10 januari 2015 opgevolgd door art. 26 Verordening nr. 1215/2012, PbEU 2012 L351/1), dan wel art. 11 Rv. heeft betwist dat de Nederlandse rechter bevoegd is van de onderhavige vorderingen kennis te nemen. EOO heeft immers slechts een beroep gedaan op immuniteit van jurisdictie, niet op het ontbreken van internationale rechtsmacht. Dit betekent dat de bevoegdheid van de Nederlandse rechter voor het hof uitgangspunt is. Voor aanhouding wegens litispendentie in verband met de in Duitsland aanhangige bodemzaak waarbij SUEPO (maar niet VEOB) partij is bestaat geen aanleiding, nu het in de onderhavige zaak gaat om een kort geding waarin slechts een voorlopig oordeel zal worden gegeven. Voor de vrees dat tegenstrijdige uitspraken zullen worden gedaan bestaat dus geen aanleiding.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/077b6e127fba21bc38d04a367fcc31bf2f4ee78e6f53d7025b0ef86973d0a8a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 077b6e127fba21bc38d04a367fcc31bf2f4ee78e6f53d7025b0ef86973d0a8a9, en de alinea staat in dat document op bytes 43998 tot 44886.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/077b6e127fba21bc38d04a367fcc31bf2f4ee78e6f53d7025b0ef86973d0a8a9 | shasum -a 256