Citaat | Gerechtshof Den Haag 28 juli 2015

Alinea 83 Gerechtshof Den Haag 28 juli 2015

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 28 juli 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:2562.

23. Op basis van de akte waarbij de vrouw de economische eigendom had gekocht en geleverd gekregen behoorde die economische eigendom voor het opheffen van de huwelijkse voorwaarden al tot haar vermogen. Deze economische eigendom echter heeft zij niet krachtens erfrecht gekregen en valt derhalve ten tijde van haar verkrijging krachtens erfrecht niet onder de uitsluitingsclausule. Hetgeen zij onder de uitsluitingsclausule heeft verkregen is slechts de juridische eigendom en niet de economische eigendom. Zoals het hof hiervoor al heeft overwogen kent het hof aan het juridische eigendom an sich geen waarde toe aangezien de vrouw met haar ouders expliciet was overeengekomen dat de waarde ontwikkeling voor haar rekening en risico zou komen. De vrouw kon ook op ieder moment op basis van de onherroepelijke volmacht de zaken juridisch aan zichzelf leveren. Met andere woorden, de vrouw had voor de levering van het juridische eigendom haar ouders niet meer nodig sedert 1 januari 1990. Behoudens de juridische eigendom was toen het gehele samenstel van rechten en verplichtingen met betrekking tot de meervermelde onroerende goederen overgegaan op de vrouw, waardoor het belang bij die goederen volledig en uitsluitend bij de vrouw was komen te liggen. De facto was de vrouw de eigenaar. Door de verkrijging van de economische eigendom mede te financieren had de man een (nominaal) vergoedingsrecht jegens de vrouw verkregen. Deze vordering en aan de zijde van de vrouw die schuld zijn echter door de boedelmenging vanwege de opheffing van de huwelijkse voorwaarden teniet gegaan, zodat de economische eigendom eveneens op grond van de boedelmenging tot de (ontbonden) huwelijksgemeenschap behoort. Dat de percelen goederenrechtelijk niet in de gemeenschap vallen vanwege de uitsluitingsclausule doet er niet aan af dat het volledige economische belang - de waarde - bij deze goederen sinds [datum] 1990 geheel aan de vrouw toekwam en dat die waarde door de opheffing van de huwelijkse voorwaarden deel uitmaakte van de huwelijksgemeenschap. De grief van de man treft derhalve doel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8f1adeca1ded1bab18adf78e09ff5f13b8812d68d968e288b8a821369e014902. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8f1adeca1ded1bab18adf78e09ff5f13b8812d68d968e288b8a821369e014902, en de alinea staat in dat document op bytes 25129 tot 27228.