Citaat | Gerechtshof Den Haag 18 februari 2015
Alinea 198 Gerechtshof Den Haag 18 februari 2015
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 18 februari 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:282.
Door de raadsman van de verdachte is ter terechtzitting in hoger beroep van 23 januari 2015 – overeenkomstig de door hem overgelegde en in het procesdossier gevoegde pleitnota – betoogd dat de verdachte dient te worden vrijgesproken van het aan hem ten laste gelegde. Daartoe heeft hij aangevoerd dat de verdachte heeft verklaard dat hij en het slachtoffer tijdens een wandeling zijn overvallen door een man die uit de bosjes kwam gesprongen, waarbij hij het slachtoffer naast zich heeft zien liggen toen hij openstond, nadat hij kennelijk was neergeslagen. Deze verklaring is aannemelijk, althans kan niet boven redelijke twijfel verheven worden uitgesloten gelet op enkele onderzoeksresultaten die wijzen op de betrokkenheid van (een) ander(en) dan wel passen bij de door de verdachte afgelegde verklaring. Overigens is ook gebleken dat de verdachte fysiek niet in staat was om het op het slachtoffer toegepaste geweld uit te oefenen, aldus de raadsman.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec8cc7ea2a1c2f056e0522772a2bcad50e2f3c0cad6f46c15fcdbe16c63d34ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec8cc7ea2a1c2f056e0522772a2bcad50e2f3c0cad6f46c15fcdbe16c63d34ba, en de alinea staat in dat document op bytes 85239 tot 86211.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ec8cc7ea2a1c2f056e0522772a2bcad50e2f3c0cad6f46c15fcdbe16c63d34ba | shasum -a 256