Citaat | Gerechtshof Den Haag 14 oktober 2015
Onder 4.4.1 Gerechtshof Den Haag 14 oktober 2015
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 14 oktober 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:2859.
In dat kader is gebleken is dat het forensisch onderzoek (en de verslaglegging daarvan) in deze zaak ook naar toenmalige maatstaven niet optimaal is geweest. Zo is bijvoorbeeld de hals van het slachtoffer niet bemonsterd op de aanwezigheid van (mogelijk: vreemd) celmateriaal, hoewel er wel (sterke) aanwijzingen voor verwurging waren. Evenmin is het keukengerei bemonsterd op de aanwezigheid van celmateriaal. De keuken lijkt ook niet heel grondig te zijn onderzocht, nu geruime tijd later nog een oorbel van het slachtoffer onder een van de werkbanken werd aangetroffen. Bovendien is er indertijd slechts een beperkt aantal (namelijk 26) dactyloscopische sporen genomen; daarvan echter geen enkele in de keuken, de plaats waar het slachtoffer is aangetroffen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/95c0ca3e38889a4e46e4e47cb4c5cb9030790720069f42c82f424450af8d1777. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 95c0ca3e38889a4e46e4e47cb4c5cb9030790720069f42c82f424450af8d1777, en de alinea staat in dat document op bytes 176472 tot 177382.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/95c0ca3e38889a4e46e4e47cb4c5cb9030790720069f42c82f424450af8d1777 | shasum -a 256