Citaat | Gerechtshof Den Haag 14 oktober 2015

Onder 3.1 Gerechtshof Den Haag 14 oktober 2015

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 14 oktober 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:2860.

Bij gelegenheid van haar verhoor door de rechter-commissaris in strafzaken in de arrondissementsrechtbank te Breda als getuige in de zaken van [verdachte 3], [verdachte 1] en [verdachte 2] op 30 mei 1994 trekt zij al haar politieverklaringen in, omdat zij naar haar zeggen onder druk is gezet door de rechercheurs. Zij stelt dan dat wat zij weet, zij weet van de rechercheurs, en dat zij ook via haar advocaat – met wie zij, zo stelt het hof vast, klaarblijkelijk overleg had – verklaringen heeft gelezen. Desgevraagd kan zij niet aangeven waarom [verdachte 6] dan in deze zaak heeft verklaard. De beweerdelijke druk is direct nader onderzocht door de verbalisanten te horen in aanwezigheid van de raadsman van [verdachte 4]. [verbalisant 13] en [verbalisant 16] verklaren tegenover de rechter-commissaris dat zij geen druk hebben uitgeoefend. [verbalisant 11] geeft aan dat hij [verdachte 4] heeft gehoord naar aanleiding van haar eigen eerdere verklaringen. Ook [verbalisant 15] geeft in zijn verklaring aan dat verhoren goed verliepen. Naar het oordeel van het hof is op grond van het onderzoek in de procedure in herziening niet aannemelijk geworden dat aan de ambtsedige processen-verbaal van de verhorende verbalisanten getwijfeld dient te worden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/307ea99316cb0f11d5ffc84e28c238593114816c7c5dadff1beea797d0637ff5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 307ea99316cb0f11d5ffc84e28c238593114816c7c5dadff1beea797d0637ff5, en de alinea staat in dat document op bytes 95250 tot 96840.