Citaat | Gerechtshof Den Haag 14 oktober 2015
Onder 3.4 Gerechtshof Den Haag 14 oktober 2015
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 14 oktober 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:2860.
Ter terechtzitting in eerste aanleg van de arrondissementsrechtbank te Breda d.d. 19 oktober 1994 is geen alibiverweer gevoerd door zijn toenmalige raadsman mr. Drenth, en heeft [verdachte 1] niet meer verklaard dan dat hij zich herinnert die nacht in de stad te zijn geweest. Bij gelegenheid van zijn interview in het kader van het CEAS-onderzoek in 2009 heeft [verdachte 1] aangegeven dat hij zich ten tijde van het politieonderzoek niet kon herinneren waar hij in de nacht van 3 op 4 juli 1993 was geweest en geeft hij aan dat hij vermoedt bij zijn broer te zijn geweest.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/307ea99316cb0f11d5ffc84e28c238593114816c7c5dadff1beea797d0637ff5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 307ea99316cb0f11d5ffc84e28c238593114816c7c5dadff1beea797d0637ff5, en de alinea staat in dat document op bytes 137875 tot 138590.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/307ea99316cb0f11d5ffc84e28c238593114816c7c5dadff1beea797d0637ff5 | shasum -a 256