Citaat | Gerechtshof Den Haag 24 november 2015

Onder 2.2 Gerechtshof Den Haag 24 november 2015

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 24 november 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:3152.

3 Het hof ziet – zonder nadere toelichting, die ontbreekt – niet in, dat het feit dat de erven geen hoger beroep hebben ingesteld tegen het eindvonnis, zou moeten leiden tot niet-ontvankelijkheid, dan wel afwijzing van het principaal beroep. De kantonrechter heeft immers in het dictum van het bestreden deelvonnis de gevorderde immateriële schade afgewezen, althans geoordeeld dat deze vordering is verjaard (zodat deze niet kan worden toegewezen). Dit betekent dat het in het eindvonnis toegewezen bedrag van € 1.356,50, vermeerderd met rente, slechts kan zien op materiële schade. Kracht van gewijsde van het eindvonnis, waarin Heijmans is veroordeeld tot betaling van dit bedrag aan materiële schadevergoeding, staat niet in de weg aan de ontvankelijkheid van het hoger beroep tegen de afwijzing van immateriële schadevergoeding.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc93559a73b179519021033722d67870071b42061040f7748b963995ad70b336. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc93559a73b179519021033722d67870071b42061040f7748b963995ad70b336, en de alinea staat in dat document op bytes 30356 tot 31213.