Citaat | Gerechtshof Den Haag 23 december 2015

Alinea 21 Gerechtshof Den Haag 23 december 2015

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 23 december 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:3813.

Het gerechtshof Amsterdam (hierna: het Hof) heeft op 27 november 2014 uitspraak gedaan op hoger beroepen van verzoeker in zaken met kenmerken 12/00818 tot en met 12/00821 (ECLI:NL:GHAMS:2014:5074). Twee van de leden van het Hof die deze uitspraken hebben gedaan, zijn thans belast met de behandeling van de (soortgelijke) zaken onder genoemde rolnummers. Die omstandigheid in combinatie met de omstandigheid dat het Hof in de uitspraak van 27 november 2014 twee door verzoeker als bewijsmiddel ingebrachte documenten heeft aangemerkt als valselijk opgemaakt, welke documenten ook in de onderhavige zaken - volgens verzoeker - een cruciale rol zullen spelen, vormt de basis van het onderhavige wrakingsverzoek. Tegen deze achtergrond acht verzoeker de raadsheren van wie wraking is verzocht namelijk niet onbevooroordeeld in de zaken die thans nog ter behandeling voorliggen. Aangezien de betrokken raadsheren op 3 november 2015 een verzoek om zich te verschonen hebben afgewezen, heeft hij het onderhavige wrakingsverzoek doorgezet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/22c1917f48b22e400a710af53baabaf681e5e00e5cf60659e8f44d71bc245357. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 22c1917f48b22e400a710af53baabaf681e5e00e5cf60659e8f44d71bc245357, en de alinea staat in dat document op bytes 7679 tot 8724.