Citaat | Gerechtshof Den Haag 3 maart 2015

Onder 3.4 Gerechtshof Den Haag 3 maart 2015

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 3 maart 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:404.

De beschikking van de Commissie heeft betrekking op een vorm van staatssteun, in dit geval de maatregelen in het kader van de gereguleerde woningsector, die reeds bestond ten tijde van de inwerkingtreding van het EEG-Verdrag (thans VWEU), dat wil zeggen om bestaande staatssteun in de zin van art. 108 lid 1 VWEU. Dergelijke bestaande steunmaatregelen mogen worden uitgevoerd zolang de Commissie niet heeft geoordeeld dat ze onverenigbaar zijn met de interne markt. De Commissie heeft in haar beschikking het gereguleerde woningstelsel onder een aantal voorwaarden toelaatbaar geoordeeld, waaronder de voorwaarde dat het onderscheid tussen DAEB- en niet-DAEB-activiteiten wettelijk diende te worden verankerd. Dat aan deze laatste voorwaarde thans nog niet is voldaan staat vast. Dit betekent echter niet automatisch dat deze bestaande steunmaatregelen niet (meer) mogen worden uitgevoerd, of dat deze ineens als nieuwe steun zouden moeten worden aangemerkt. Die conclusie ligt alleen al weinig voor de hand nu, naar de Staat onbestreden heeft gesteld, in de beschikking geen termijn is gesteld waarin de bewuste voorwaarde moet zijn geïmplementeerd. Het tegendeel is ook niet beslist in de arresten van het Hof van Justitie EU waarop Metterwoon c.s. zich onder 67 van de appeldagvaarding beroepen. Ook art. 19 van Verordening (EG) Nr. 659/1999 biedt geen steun aan het betoog van Metterwoon c.s. Daarin is immers bepaald dat indien de betrokken lidstaat de door de Commissie aan goedkeuring van bestaande steunmaatregelen voorgestelde voorwaarden niet aanvaardt, de artt. 6, 7 en 9 van overeenkomstige toepassing zijn, maar niet art. 3 dat een “standstill”-bepaling bevat voor nieuwe niet-aangemelde steun. Het is niet aannemelijk dat dit anders zou zijn en dat de standstill-bepaling wel van toepassing zou zijn, indien een lidstaat een eenmaal aanvaarde voorwaarde vervolgens niet nakomt, te minder indien daaraan, zoals hier, geen termijn is verbonden. Het hof leest in de stellingen van partijen ook niet dat de Commissie in de bewuste beschikking zou hebben geoordeeld dat het Nederlandse systeem onverenigbaar is met de interne markt, indien niet wordt voldaan aan één of meer van de in die beschikking gestelde voorwaarden. Dit betekent dat de (bestaande) steunmaatregelen mogen worden uitgevoerd totdat de Commissie heeft geoordeeld dat deze onverenigbaar zijn met de interne markt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/31bb2f3dd71421352f510af9edcddef2ac17e87d37acb061f053ce8ed1962d6f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 31bb2f3dd71421352f510af9edcddef2ac17e87d37acb061f053ce8ed1962d6f, en de alinea staat in dat document op bytes 29454 tot 31866.