Citaat | Gerechtshof Den Haag 2 april 2015
Onder 10.2.2. Gerechtshof Den Haag 2 april 2015
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 2 april 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:748.
Hoewel de wet, anders dan de verdediging kennelijk heeft willen betogen, niet voorschrijft dat deze uitwerkingen op ambtseed worden opgemaakt, staat op grond van het vorenstaande wel vast dat ze niet in de wettelijke vorm zijn opgemaakt. Bovendien blijkt evenmin of de personen die deze hebben opgemaakt daartoe bevoegd waren. Mitsdien kunnen deze stukken niet worden aangemerkt als een proces-verbaal of als een geschrift in de wettelijke vorm opgemaakt in de zin van art. 344 lid 1 sub 2 Sv. Zij hebben dan ook te gelden als andere geschriften in de zin van artikel 344 lid sub 5 Sv die alleen in verband met de inhoud van andere bewijsmiddelen voor het bewijs mogen worden gebezigd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2933877632cd3c10bd283b5534eacae59d4d26a12c7e2db0cf43aef5f1ccc395. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2933877632cd3c10bd283b5534eacae59d4d26a12c7e2db0cf43aef5f1ccc395, en de alinea staat in dat document op bytes 108158 tot 108856.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2933877632cd3c10bd283b5534eacae59d4d26a12c7e2db0cf43aef5f1ccc395 | shasum -a 256