Citaat | Gerechtshof Den Haag 21 april 2015

Alinea 33 Gerechtshof Den Haag 21 april 2015

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 21 april 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:813.

9. Het bovenstaande betekent dat het vonnis van de kantonrechter zal worden vernietigd voor zover daarin de buitengerechtelijke kosten zijn afgewezen. De kantonrechter heeft met het toegewezen bedrag van € 3.672,64 de omzetbelasting van € 109,43 over de buitengerechtelijke kosten (wel) reeds toegewezen. Het verschil tussen het gevorderde bedrag van € 4.193,73 en het toegewezen bedrag van € 3.672,64 bedraagt immers € 521,09. Volgens het overzicht in de dagvaarding zijn dat de buitengerechtelijke kosten en is het bedrag van € 109,43 aan omzetbelasting dus reeds toegewezen, zodat thans nog slechts de veroordeling tot betaling van het bedrag van € 521,09 te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 30 juli 2014 tot aan de dag der voldoening, behoeft te worden uitgesproken. [geïntimeerde] zal worden veroordeeld in de kosten van het geding in hoger beroep. Hieronder zijn begrepen de (nog te maken) nakosten (waarvoor onderstaande veroordeling een executoriale titel geeft – HR 19 maart 2010, LJN: BL1116). Ingevolge artikel 237, derde lid Rv blijft de vaststelling van de proceskosten door het hof in dit arrest beperkt tot de vóór de uitspraak gemaakte kosten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/74282aa5d88a08314afb6c8d76cdf7e2a04c7745da5a8ccae294cffd826a67fc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 74282aa5d88a08314afb6c8d76cdf7e2a04c7745da5a8ccae294cffd826a67fc, en de alinea staat in dat document op bytes 14331 tot 15548.