Citaat | Gerechtshof Den Haag 20 januari 2016
Alinea 92 Gerechtshof Den Haag 20 januari 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 20 januari 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:111.
28. Verweerder stelt zich op het standpunt dat het stamrecht in het onderhavige jaar is prijsgegeven, hetgeen door eiser wordt weersproken. De rechtbank stelt vast dat eiser de door de BV in de jaren vóór 2008 uitgekeerde bedragen in zijn aangiften heeft verantwoord als loon uit tegenwoordige dienstbetrekking. Ook in de aangiften vennootschapsbelasting van de BV zijn deze bedragen als zodanig verantwoord en ten laste van de fiscale winst gebracht en niet ten laste van de stamrechtverplichting. De rechtbank kan eiser niet volgen in zijn stelling dat het stamrecht reeds in 1994 is ingegaan omdat de uitkeringen van de BV feitelijk stamrechtuitkeringen zijn geweest. De enkele stelling dat de (foutieve) kwalificatie en verwerking in de aangiften over een reeks van jaren berust op een vergissing, is daartoe onvoldoende. De rechtbank acht het dan ook niet aannemelijk dat het stamrecht in 1994 is ingegaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4c9e612c42d60cbfd76bd5abf2bf5275467d4102272b2263fa8b3662a2511708. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4c9e612c42d60cbfd76bd5abf2bf5275467d4102272b2263fa8b3662a2511708, en de alinea staat in dat document op bytes 21318 tot 22244.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4c9e612c42d60cbfd76bd5abf2bf5275467d4102272b2263fa8b3662a2511708 | shasum -a 256