Citaat | Gerechtshof Den Haag 17 mei 2016

Onder 2.11. Gerechtshof Den Haag 17 mei 2016

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 17 mei 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:1350.

24. Voorts acht het hof in elk geval de mogelijkheid aannemelijk dat [dochter] schade heeft geleden als gevolg van het haar overkomen fietsongeval (zoals bedoeld in art. 612 Rv). Vast staat immers dat [dochter] als gevolg van het ongeval letsel heeft opgelopen en per ambulance naar de eerste hulp van het Juliana Kinderziekenhuis is gebracht, alwaar een hersenschudding werd geconstateerd. Nadien is [dochter] (in verband met klachten verdacht van een mogelijk niet aangeboren hersenletsel) voor evaluatie en behandeling verwezen naar revalidatiecentrum Rijndam. Vervolgens is zij bij NAH Sophia revalidatie in Den Haag onder behandeling gekomen. Gezien de jeugdige leeftijd van [dochter] en de omstandigheid dat nog geen medische eindtoestand (met voldoende zekerheid) kan worden vastgesteld, ziet het hof geen aanleiding de schade als gevolg van het ongeval reeds thans te begroten. De gevorderde verklaring voor recht en de verwijzing naar de schadestaatprocedure zullen derhalve worden toegewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd6fe83a9aee98cc7db2cc7e956a51567146a3be4cea17392f171e1f6e776316. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd6fe83a9aee98cc7db2cc7e956a51567146a3be4cea17392f171e1f6e776316, en de alinea staat in dat document op bytes 48060 tot 49076.