Citaat | Gerechtshof Den Haag 31 mei 2016
Onder 16.1 Gerechtshof Den Haag 31 mei 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 31 mei 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:1415.
Hiervoor is geoordeeld dat voor beperking in het wrakkenfonds in aanmerking komen de regresvorderingen die betrekking hebben op kosten die samenhangen met de berging (‘raising and removal’) van schip en lading. Het hof is van oordeel dat de eigenlijke berging pas was beëindigd toen de lading was overgeslagen op Vulcaanhaven. De eerdere locatie, Duivelseiland, was slechts tijdelijk. Een kostbare lading kan daar niet blijven, zo blijkt uit het verslag van Cunningham & Lindsay (productie 30 bij akte na tussenvonnis van 27 februari 2013 van ELG c.s.). De latere ladingkosten zijn veroorzaakt doordat de Staat zijn retentierecht uitoefende en de ladingbelanghebbenden de opruimingskosten niet wilden betalen. Zij vertonen onvoldoende samenhang met de berging van schip en lading. Vorderingen in verband hiermee moeten dus in het zakenfonds worden ingediend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8cb3f397c3c64e8a610209a9dbf26cf6938463d43d77bc1c95ba225e4919be98. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8cb3f397c3c64e8a610209a9dbf26cf6938463d43d77bc1c95ba225e4919be98, en de alinea staat in dat document op bytes 33722 tot 34603.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8cb3f397c3c64e8a610209a9dbf26cf6938463d43d77bc1c95ba225e4919be98 | shasum -a 256