Citaat | Gerechtshof Den Haag 25 mei 2016

Alinea 264 Gerechtshof Den Haag 25 mei 2016

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 25 mei 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:1607.

2. Indien er zich omstandigheden voordoen waarbij het, gezien het feitelijke gebruik van de tegenover de weg liggende gronden, in redelijkheid niet mogelijk is om de specie en het maaisel op de in het vorige lid bedoelde wijze te deponeren, dan worden alle specie en maaisel gebracht op de wegberm. In dat geval zijn de eigenaren van de tegenover de weg liggende gronden verplicht alle specie en maaisel binnen 30 dagen van de bermen te verwijderen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/593dea680576675cabad23f56324268e59bbe2a64a2779b5da4d832a4def277f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 593dea680576675cabad23f56324268e59bbe2a64a2779b5da4d832a4def277f, en de alinea staat in dat document op bytes 37276 tot 37740.